26 Statutaire regeling winstbestemming

Voor de winstbestemming is van belang hetgeen is vermeld in de statuten en het bepaalde in de Investeringsovereenkomst die op 2 september 2005 is gesloten tussen de Staat der Nederlanden, de gemeente Rotterdam en Havenbedrijf Rotterdam, alsmede hetgeen ter zake is vermeld in de Aandeelhoudersovereenkomst tussen beide aandeelhouders. In 2009 zijn aanvullende afspraken voor de winstbestemming door de drie voornoemde partijen vastgelegd in de Kapitaalsovereenkomst 2009 van 30 januari 2009 en de Vaststellingsovereenkomst uit maart 2009.

In de Aandeelhoudersovereenkomst is onder andere bepaald dat de aandeelhouders vanaf 1 januari 2006 jaarlijks 4% op het door hen ingelegde vermogen ontvangen onder toepassing van een indexeringsclausule. In de Investeringsovereenkomst is het door de gemeente op 1 januari 2006 ingelegde vermogen bepaald op € 1 miljard. De Staat is op 23 mei 2007 toegetreden als medeaandeelhouder en heeft daarbij € 50 miljoen aandelenkapitaal gestort (eerste tranche). De tweede tranche betreft een kapitaalstorting van € 450 miljoen in 2009 door de Staat en de gemeente Rotterdam. Hiervoor zijn nieuwe aandelen uitgegeven. Als gevolg van de Kapitaalsovereenkomst en Vaststellingsovereenkomst uit 2009 is met de uitgifte van de nieuwe aandelen de basis voor de verdeling van het dividend over de aandeelhouders veranderd. Tot de uitgifte werd het dividend per aandeelhouder berekend over het door hen ingelegd vermogen. Nu is de verdeling van de aandelen bepalend geworden.
In de Aandeelhoudersovereenkomst is ook bepaald dat vanaf 1 januari 2021 extra winstuitkering wordt uitgekeerd aan de aandeelhouders en is de wijze van berekening van de extra winstuitkering bepaald. In 2012 zijn met de aandeelhouders nieuwe afspraken gemaakt over de extra winstuitkeringen. Uitgangspunt hierbij is dat niet méér extra dividend wordt uitgekeerd maar wel eerder.