(Inter)nationale havenontwikkeling

De haven van Rotterdam geniet een internationale reputatie. Dit komt door de goede haveninfrastructuur, het sterke haven- en industriële cluster en de diversiteit van goederenstromen en industrieën. Onze rol op het gebied van innovatie, duurzaamheid, energietransitie en digitalisering speelt daarin ook een belangrijke rol. Dit maakt de haven een goede locatie voor internationaal vooraanstaande bedrijven en voor de Nederlandse maritieme sector in brede zin.

Door de grote veranderingen in de wereld op het gebied van duurzaamheid, energietransitie, digitalisering en schaalvergroting, wil het Havenbedrijf Rotterdam zich als boegbeeld van de haven ook onderscheiden op internationale havenontwikkeling. We willen onze internationale reputatie verder versterken en meerwaarde leveren voor bedrijven die zich in de haven hebben gevestigd én voor de Nederlandse maritieme sector. Het Havenbedrijf Rotterdam kan en wil alleen bijdragen aan internationale havenontwikkelingen die meerwaarde creëren voor de aandeelhouders (rendement) en passen binnen ons CSR-beleid.

Tot op heden richtte het Havenbedrijf Rotterdam zijn internationale activiteiten vooral op havenontwikkelingen als investeerder of als adviseur in de zogenaamde ‘emerging economies’ en vaak in zogenaamde ‘greenfield’-ontwikkelingen. In 2017 richtte het Havenbedrijf Rotterdam zijn aandacht ook op zogenaamde ‘brownfield’-ontwikkelingen. De komende tijd verbreden we onze activiteiten verder naar digitalisering (als onderdeel van Digital Business Solutions). De samenwerking met andere grote internationale havens loopt door. Nationaal besteden we ook veel aandacht aan samenwerking.

Nationale havensamenwerking

Op nationaal niveau werken we steeds meer samen met andere havens. De expertise die we internationaal opbouwen, gebruiken we ook nationaal. Met Port of Moerdijk verlengden we het 'Memorandum of Understanding' om te onderzoeken hoe we het bereiken van de wederzijdse doelstellingen kunnen versnellen. Verder streven we ernaar de concurrentiekracht van beide haven- en industriecomplexen te versterken. Met Groningen Seaports onderzoeken we de samenwerking op specifieke thema's binnen de energietransitie. Daarnaast delen we met de Amsterdamse haven een Havenmeestermanagementpakket en uniformeren we onze processen. We leren ook van elkaars KPI’s.

SOHAR Port and Freezone, Oman

SOHAR Port and Freezone is een 50/50 joint-venture tussen het Havenbedrijf Rotterdam en de Omaanse overheid. Deze samenwerking is succesvol gebleken. Ruim vijftien jaar na het tekenen van de joint-venture-overeenkomst, is de Sohar Port and Freezone uitgegroeid tot een haven waarin meer dan 50 miljoen ton lading werd overgeslagen in 2016. Daarnaast is een aantal sterke industriële clusters ontstaan in de haven en in de freezone. Activiteiten van ‘Rotterdamse klanten’ zijn gestart, Nederlandse maritieme bedrijven hebben bijgedragen aan het ontwerp, de bouw en de operations van en in de haven en maatschappelijke waarde is gecreëerd in de vorm van banen (circa 24.000) en investeringen (circa 20 miljard euro). Daarnaast is het een renderende investering gebleken met een terugverdientijd van circa tien jaar.

Kuala Tanjung en Jakarta, Indonesië

Tijdens het bezoek van de president van Indonesië in het voorjaar van 2016 aan Nederland, tekenden beide landen een Memorandum of Understanding (MoU) op het gebied van maritieme samenwerking. Een van de onderdelen daarin betreft de ontwikkeling van havens. Vanuit zijn in 2016 opgerichte kantoor in Jakarta ondersteunt het Havenbedrijf Rotterdam de Indonesische overheid bij haar ambitie om vijf grote havens te ontwikkelen, geografisch verspreid over Indonesië. Dit doet de lokale staf, waar nodig met hulp vanuit Rotterdam, door middel van consultancyopdrachten en door investeringen in partnerships. In 2017 lag de focus op twee projecten: de ontwikkeling van Kuala Tanjung (Noord Sumatra, nabij Medan) en de uitbreiding van Jakarta Port.

Met betrekking tot Kuala Tanjung rondde het Havenbedrijf Rotterdam in 2017, grotendeels in partnership met het Staatsbedrijf Pelindo 1, een eerste haalbaarheidsstudie af. Deze studie laat de potentie van de haven zien, vooral ook ten aanzien van de sociaal economische waarde die zou kunnen worden gecreëerd. De studie toont ook de commerciële en financiële uitdagingen van het project. Het Havenbedrijf Rotterdam is in gesprek met de Indonesische overheid en met Pelindo 1 over de voorwaarden waaronder dit project tot ontwikkeling kan worden gebracht. De eerder beoogde joint-venture met Pelindo 1 kwam hierdoor niet tot stand.

Voor de verdere ontwikkeling van Jakarta Port begeleidt het Havenbedrijf Rotterdam samen met het grondbedrijf van het stadsgewest Jakarta en het Staatshavenbedrijf Pelindo 2 een consortium van vooral Nederlandse bedrijven bij de uitvoering van een haalbaarheidsstudie. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland financiert deze studie als onderdeel van het Develop to Build programma.

Pecém en Porto Central, Brazilië

Porto Central betreft de ‘greenfield’-ontwikkeling van een haven- en industrieel complex in de deelstaat Espirito Santo in Brazilië. In 2017 boekten we goede voortgang op commercieel en technisch vlak. Het team op locatie werkt toe naar een investeringsbeslissing. Gezien de commerciële, financiële en technische complexiteit, is op dit moment niet aan te geven wanneer deze zou kunnen vallen. We werken toe naar een beslissing in de loop van 2018–2019.

De haven van Pecém is een bestaande haven in de deelstaat Ceara van Brazilië, die in eigendom is bij de deelstaat. In een eerdere consultancyopdracht concludeerden we dat deze haven groeipotentieel heeft en dat een verdergaande professionalisering van het haven- en industriële complex nodig is om dit ook waar te maken. In 2017 tekenden het Havenbedrijf Rotterdam en de deelstaat Ceara een ‘Memorandum of Understanding’, waarin is afgesproken om een minderheidsdeelneming van het Havenbedrijf Rotterdam in de haven van Pecém te onderzoeken. Dit onderzoek ronden we in de loop van 2018 af.

CSR internationaal

Medewerkers van het Havenbedrijf Rotterdam die betrokken zijn bij activiteiten in het buitenland kunnen spanning ervaren bij de principes uit ons CSR-statement. Internationaal kunnen immers andere wetten en andere maatschappelijke normen en waarden gelden dan in Nederland. Om onze medewerkers in staat te stellen effectief om te gaan met dilemma's die zij ervaren bij het zakendoen in het buitenland, organiseren wij dilemmatrainingen. Hierin maken wij medewerkers bewust van onze principes en wij trainen ze in het voeren van een open dialoog over dilemma's die zij daarbij ervaren. Hiermee bevorderen wij dat medewerkers tot zorgvuldige afwegingen en keuzes komen bij complexe vraagstukken in het buitenland.